Stortingsplicht

Een aandeelhouder is gehouden tot storting van het nominale bedrag bij het nemen van een aandeel. Voor de NV geldt daarbij een strenger regime dan voor de BV.

NV
Vanwege de anonimiteit van de aandeelhouders van een NV, gelden strenge eisen omtrent de stortingsplicht. Gelet op art. 2:80 lid 1 BW moet bij het nemen van een aandeel het nominale bedrag en de agio (het bedrag boven de nominale waarde) worden gestort. Er kan echter worden bedongen dat slechts 25% van het nominale bedrag direct bij het nemen van het aandeel moet worden gestort. De resterende 75% moet worden gestort nadat de vennootschap het heeft opgevraagd.

BV
De BV kent een soepelere regeling omtrent het storten op aandelen. Gelet op art. 2:191 BW kan bedongen (afgesproken) worden dat het nominale bedrag of een deel daarvan pas na verloop van een bepaalde tijd of nadat de vennootschap het heeft opgevraagd, gestort moet worden. Zo kan dus worden afgesproken dat een aandeelhouder pas na een aantal weken hoeft te storten. Bij de BV worden de aandeelhouders namelijk geacht bekend te zijn, nu zij immers dichter bij de vennootschap staan dan aandeelhouders bij de NV.

Deel dit bericht: